zondag 30 oktober 2022

Angst





Midden in de nacht werd ik wakker met een volle blaas. Na een poos gedubt te hebben of ik het zou negeren besloot ik dat het beter was om toch maar even naar buiten te gaan. Tent opengemaakt maar shock!! Mijn sandalen stonden er niet!! En ook het nieuwe campinggasbrandertje dat ik gisteren gekocht had en een heel oude pannetje. Maar ik wist zeker dat ik ze daar neergezet had. Sowieso de sandalen, want die doe ik altijd uit als ik de tent instap.

Ik kon er met mijn hersens niet bij. Hoe kon dit? Was het tentzeil los en opgeschoven en lagen ze aan de andere kant?

Was er een poes of een vos die dingen meegesleept had? Van éen sandaal kon ik me dat wel voorstellen, maar allebei? En ook nog een pannetje?

Was ik bestolen door een zwerver die me uit de bosjes had begluurd toen ik eten aan het koken was? Of snachts was aangetrokken door het licht in mijn tent? 

Zou ie ook mn fietstassen meegenomen hebben of misschien wel mn hele fiets! 

Hij zou het dan wel meer nodig hebben dan ik. 

Maar hoe kon het dat ik helemaal niets had gehoord? Geen geritsel in het toch wel ruige terrein van struikjes en dode takken rondom mij ??

Jawel, ik had wél iets gehoord! Een soort klap op het tentzeil. Éen keer. Een soort hit en run dus. Maar dan moest ie al wel gezien hebben dat er dingen onder het zeil stonden, geruisloos aankomen, in één graai drie dingen mee en geruisloos weer vertrekken. 

Het leek me allemaal wat onlogisch 

maar mijn hersenen konden er geen verklaring voor bedenken. 

Ik besloot maar weer te gaan slapen, wat kon ik anders doen.

Het plasje ging niet door,  in het donker tussen brandnetels en braamstruiken zonder schoeisel lokte mij niet aan. 

Ik dacht erover na of ik bang was. Ik voelde mij niet echt angstig (er zou vast een logische verklaring zijn) maar voor de zekerheid pakte ik toch mijn zakmes, legde het geopend naast mij neer. Toen al 

prakkiserend over hoe ik de volgende ochtend op blote voeten op de fiets, of liftend (zou men mij wel meenemen? , zo’n verlopen type zonder schoeisel) naar de hypermarche te gaan voor andere sandalen viel ik in een onrustige slaap.


De volgende ochtend werd ik wakker. Ritste de  binnentent  open… nee inderdaad! Er stond helemaal niets meer onder de luifel. Buitenflap open, nee daar ook niet.. maar wat was het terrein vreemd hoog daar… 


Langzaam begon het te dagen.. 

mijn tent heeft twee uitgangen.




zaterdag 29 oktober 2022

Romeinse sporen in Vienne

 


Omdat ik niet wist hoe snel mn fiets gerepareerd kon worden, had ik voor de eerste dag een korte fietstocht gepland van 30 km met ook daar een logement. 

En gezien de heuvels en de fiets waar ik nog aan moet wennen was dat prima.. 

Via internet had ik logies gevonden bij Katerine, een energieke oude vrouw met een groot oud huis dat bovenop en rondom een rots heen is gebouwd. bovenop de grotere kamers en onder slingert zich een heel smal gangetje om de rots heen en dan weer breder naar het badkamertje. 

Katerine was dertig jaar geleden vanuit Parijs naar Vienne verhuisd omdat haar specialiteit het restaurereren van Romeinse frescos en mozaieken was en Vienne is van oorsprong een Romeinse nederzetting. Nog steeds komen met regelmaat nieuwe vondsten aan het licht. 

In een onderhoudend gesprek vertelde ze me  hoe je het  aanpakt, om zo’n fresco in zn geheel van een muur af te halen, en wat een meesters die Romeinen waren. 

Het lijkt erop dat bij het aanleggen van de mozaiekvloeren de mozaiekstenen meteen in de nog natte mortel werden gelegd. 

Moeiteloos vlogen we vervolgens van onderwerp naar onderwerp. Bedwantsen (hoe ze het appartement op de middenverdieping niet kon verhuren omdat er bedwantsen zaten en dat die enorm moeilijk uit te roeien zijn, en hoe ze sliep met een masker van een oude panty over haar gezicht met gaatjes voor de neus zodat ze niet in haar gezicht gebeten werd. 

De toestand met Rusland en Oekraine (haar vader was Oekraiens, haar moeder Russisch, en rond de tweede wereldoorlog naar Frankrijk gevlucht.  Over haar poes die hondachtige kwaliteiten had en drie woorden kon begrijpen. 

Omhoog, eten en naar buiten. 

Ze demonstreerde dat de kat iedere keer als zij het woord eten zei, een paar keer zn bek open en dicht deed, terwijl ie haar strak aankeek. 


In Vienne een beetje rondgefietst en zag ik deze tempel gebouwd ter ere van keizer Augustus en zijn vrouw Livia, dus van rond het begin van onze jaartelling ( Augustus 63 ac tot 14 bc). 


Free diner en muurschilderingen in Lyon.




Voor de eerste overnachting had ik in Lyon een plekje in een tienpersoons slaapzaal van een jeugdherberg georganiseerd. En dat was maar goed ook. Na alle vertraging opgelopen met de bus (zowel in de bus vanaf Amsterdam naar Frankfurt als van Frankfurt voa Geneve (!) naar Lyon was het om de haverklap controle van de douane. 

Een keer moesten we zelfs allemaal de bus verlaten, moest alle bagage uit de bus en moesten we op een rij in de miezerregen wachtten tot er steekproeven gedaan werden. 

Daarna mochten we weer terug in de bus maar van vertrekken bleek geen sprake.. we moesten in de bus blijven tot een van de passagiers die meegenomen was weer terugkwam. Iets waarvan de rokers onder ons, die ook niet mochten uitstappen behoorlijk geagiteerd raakten. Ik kwam dus pas tegen half elf aan en na een avondmaal samengesteld van “free” leftover spullen van eerdere gasten (. Macaroni met tomatenpasta, augurkjes en radijsjes, roggebrood met pindakaas en een stuk smeltcamenbert..) en een verkwikkende douche schoof ik mn bed in. Volgende ochtend was een prima ontbijtbuffetje zelfs inbegrepen. 

Van de jeugdherberg (Away hostel en coffeeshop) heb ik verder geen fotos gemaakt maar het was daar prima te doen. 

Ligt op een leuke plek van Lyon met veel hippe winkeltjes, muurschilderingen, cafes en barretjes. Gemoedelijk ook. Zo zag ik iemand op de stoep voor haar huis een wasrek neerzetten om haar was te drogen.. 

maandag 24 oktober 2022

Nachtelijke rondjes om de Haubtbahnhof

Zoals al verteld had ik in Frankfurt op de vroege maandagochtend wat uurtjes te killen, en wat doe je dan als het een beetje miezert en je een fiets hebt? Rondjes fietsen dus. 


De flixbus stopt op een plein op een steenworp afstand van de haubtbahnhof, een zeer imposant gebouw. Rondom de bahnhof liggen ontzettend veel hotels, grote luxieuze maar ook kleinere van een meer slonzige of dubieuzere aard. 




In het prachtig grote station, met om vier uur snachts al diverse open kiosken met hoog opgestalde luxe broodjes en smoothies to go,  werd ik al meteen vijf keer aangesproken door op kleingeld belustte onrustige lieden. En ik zag er nog minstens zoveel die niet de moeite namen mij aan te spreken. Sloffend, schuifelend en met een starende lege blik, soms prevelend in zichzelf met hun eigendommen in boodschappen tassen in de hand of op een karretje. 

Fietsend door de nachtelijke straten met namen als kaiserstraße, Gutleutstraße en de Friedebsbrücke werd de „wir Kindern from Bahnhof Zoo” uitstraling van het gebied nog sterker. De Kaiserstraße een grote straat die als een soort voetgangers Damrak recht op het station uitkomt bevat veel etablissementen met een verpauperde uitstraling die je eigenlijk op zo’n locatie niet verwacht, maar de parallelsttraat, de Taunusstraße, deed me helemaal terugdenken aan de Tenderloin (rosse buurt van San Fransisco). 


Vele onrustige figuren in groepjes dolend, dribbelden en schuifelden sommigen al behoorlijk op leeftijd, voetje voor voetje achter een kinderwagentje of een winkelwagentje met plastic tasjes als rollator. Een man op een fiets die de vuilnisbakken afstruint op zoek naar statiegeld en ander bruikbaars. Verscheidene mensen in rolstoelen joviaal handen kletsend met kornuiten her en der  maar ook verscholen in donkere portieken, een plastic vuilniszak met hun spulletjes op schoot geklemd, in een stille poging even een paar uurtjes te slapen. Ook mensen op vochtige matrassen en stukken schuimrubber langs de straat, in de portieken van de erotiekshops, speelhallen en kleine avondwinkels. Zelfs straten verderop onder de wat luxere hotels zag je her en der mensen liggen. 

En de bende. Opengereten vuilniszakken, bergen glasscherven, en daartussen grote hoeveelheden electrostepjes, omgevallen op de stoep, een enkele keer gewoon achtergelaten op het fietspad. 

Hoe kan dit?


Gelukkig waren er ook leukere dingen. Aan de andere kant van de fluß, de rivier de Main, stuitte ik in het donker op een een grote mooi verlichte koepel, onduidelijk was waar deze voor gebruikt werd, er waren bouwhekken rondom en ik zag geen mogenlijkheid erbij te komen. Maar vlak daarbij was nog een hele  leuke verrassende plek, de Wildgarten. Een creatief en speels aangelegd kinderspeelplaats tussen de bomen. Een oude locomotief, een koepel gemaakt van fietswielen, een netschommel, heksenhuisjes, een hele hoge glijbaan, moestuintje en een paar overdekte plekken met houten banken en centrale tafel). 

Deze gratis avontuurspeelplaats blijkt al dik veertig jaar te bestaan. 


https://www.fr.de/frankfurt/tausende-kinder-jahren-11092624.html


https://frankfurt.de/themen/soziales-und-gesellschaft/kinder-und-jugendliche/freizeitangebote/wegweiser-einrichtungen-der-okja/abenteuerspielplatz/abenteuerspielplatz-wildgarten

Vertrek!



In de trein met op de voorgrond een portie Gofio die Enedina voor mij maakte…  Canarische specialiteit. 
Al een jaartje of vier heb ik eraan gedacht om eens een keertje nà de zomervakantie nog voor een paar weken in mn uppie naar Frankrijk te gaan. Fietsen of wandelen.. wat het moest worden wist ik nog niet en sowieso  raakten iedere keer de plannen na terugkeer in het slop, ingehaald door de waan van de dag en allerhande prioriteiten. Maar dit jaar dacht ik misschien moet ik het nu gewoon maar eens doen. Nu of nooit. Je wordt er niet jonger op en nu kan her qua werk en gezin dus… 
Uiteindelijk de keuze gemaakt om met de fiets te gaan. Dit omdat mijn knie toch af en toe opspeelt en je met een fiets veel makkelijker afstanden kan afleggen. 
Bovendien ben je met een fiets voor mensen minder gauw een verdachte zwerver/ drifter maar een stoere sportieveling op avontuur. En dat geeft goodwill wat soms ook wel handig is dus..
Een lift vinden via internet bleek niet heel snel resultaat te boeken (uit eindelijk wel een gevonden maar zonder plek voor de fiets) dus maar een kaartje met de flixbus geboekt naar Lyon. Maar deze blijkt wel helemaal om te rijden over Frankfurt en nogal vaak te stoppen. Bovendien moet ik 4 uur wachten in Frankfurt op de aansluiting naar Lyon. Al met al gaat de reus zo’n 26 duren, incl de trein van Haren naar vertrekpunt Amsterdam Sloterdijk. 
Omdat er na 1 november geen fietsbussen meer  rijden en de fiets dus niet terugkan heb ik een tweedehands fiets gekocht op MP en even bij de fietsenmaker laten finetunen. Aangezien mijn zwager Arjen ook binnenkort in zuid Frankrijk zit is het idee ontstaan om de fiets straks bij hem achter te laten. Een oude door woef bekauwde deken en een pannetje uit de weggeefwinkel kunnen oom gewoon in Frankrijk blijven met als de fietstassen die ik met dat doel van een buurvrouw heb gescoord. 

In mijn nopjes stapte ik dus met mijn bepakte fiets in de trein, uitgezwaaid door Rinke maar het eerste obstakel van de reis diende zich al aan… telefoon aan de oplader thuis vergeten..Rinke thuis gebeld en hij was zo lief om direct in de auto te springen. 3 Minuten voor het vertrek van de eerstvolgende aansluiting  hoorde ik hem fluiten en kwam hij de trap opgerend  met de telefoon in zijn hand. 
Nog één  dikke smakkerd en ik ging weer herder
Na het volgende obstakel, lift button dienst waarna ik de zware fiets  met bepakking van een hele hoge trap zonder bandengeul naar beneden moest zien te krijgen. Er was bijna niemand op het perron maar gelukkig kwamen twee mensen de trap op. Ik hoorde ze Spaans   spreken  en vroeg dus snel of ze even tijd hadden om mij te helpen en gelukkig dat hadden ze. Helaas bleek door deze actie wel m’n  fietssleuteltje dubbelgeknakt maar  gelukkig heb ik nog een reserve bij me.
Dit was trouwens al de tweede lift die het niet deed op dit traject. Die in Haren was ook kapot. 
Hoe de NS dan verwacht dat iemand met
 een rolstoel op het perron komt, of er weer af is mij onduidelijk. De medewerkers op sloterdijk gaven mij als tip dan weer terug in de trein te gaan en bij een andere halte uit te stappen.. Het is net of ze hier niet aan gedacht hebben (ik heb al vaker gehad dat een lift het niet deed. 


woensdag 14 september 2022

Eten van het land

Net als in Nederland is ook hier gratis voedsel op straat en in de natuur te vinden. Daarnaast is het hier ook gebruikelijk om spullen uit eigen tuin mee te nemen als je ergens op bezoek gaat, of naar een bijeenkomst. Zo worden we steevast overladen met sinaasappels, gember en citroenen uit eigen tuin van Coralie als we haar ontmoeten, en van een vriendin van haar kregen we avocados. En op de keramiek les nemen de leerlingen vaak groenten, zoals lenteui, paksoi, broccoli mee om daar uit te delen. 

Mispels
Goyavier

In de bergen zie je veel goyaviers en mispels. Goyaviers zijn een soort kleine guaves, maar wat zuurder van smaak. Je kunt ze in verschillende stadia van net rijp tot overrijp eten, en smaken dan steeds een beetje anders. Mispels hoeven niet trouwens niet rot te zijn om toch lekker te smaken.
Wat ook wel grappig is is de roze peper. Het is eigenlijk geen peper, maar het zijn kleine roze besjes, zo groot als peperkorrels, die ter garnering vaak door de peper gemengd worden. Deze struiken groeien hier gewoon in het wild. 
Roze peper
kokosnoot en chuchu


Mangos en bananen en kokospalmen zie je hier veel.  Helaas zijn de mango's nog niet rijp want in elke straat staan reusachtige mangobomen, tot aan de nok toe vol met kleine groene mangootjes. Groene mango kun je ook eten, en wordt ook wel verkocht, maar ik heb ze liever rijp en zoet. Bananen zie je wel in trossen hangen aan de bananenplanten,  maar meestal zijn ze van iemand. De bloemen zag ik trouwens tot mijn verbazing liggen in de supermarkt. Het blijkt dat ze gegeten kunnen worden  als een soort artichock maar wat ik ervan begreep is dat bewerkelijk en geven ze zwart af. Op  het strand vinden we wel eens een kokosnoot, die we inmiddels met een zakmes open weten te krijgen. Flink zagen door de dikke laag vezels, dan gaatjes priemen in de ogen, leegdrinken, en daarna op een steen kapotslaan en het vruchtvlees eruit lepelen. Er zijn veel kokospalmen, maar anders dan in Mexico worden cocossap minder vaak verkocht langs de kant van de weg. Af en toe alleen, en dan kost het tussen de 4-5 euro voor het sap van 1 kokosnoot. Wat ze dan ook in een plastic flesje willen doen. 

bananenbloemen in de supermarkt




Broodvruchten zijn wij nog niet zo veel tegen gekomen, ligt er een beetje aan waar je op het eiland zit, maar ik vond er eentje van een kg. Je kunt ze koken als ze nog niet rijp zijn en dan hebben ze een structuur en een smaak die aan een aardappel doet denken. Of wachten tot ze rijp en smotsig zijn. En dan hebben ze een zoete wat geparfumeerd achtige smaak, die wat aan bubbelgum doet denken. 
Granaatappels zie je hier ook in veel tuinen, en vallen soms op de stoep en blijven daar liggen. 
Ook de tamarindes zijn inmiddels  rijp en vindt je op veel plekken. Het zijn er  zoveel dat Rinke er  siroop van maakt. 
Dat het ook gevaarlijk kan zijn, die uitbundige tropische natuur illustreert het verhaal van Imane, onze hospita. Zij was op een dag aan het joggen in de wildernis toen er opeens vlak naast haar een enorme broodvrucht op de grond plofte. Zij had het over een ding van een kilo of 7. Volgens internet worden ze maar maximaal 4 kg, maar je zal maar zo'n ding op je hoofd krijgen.

Op de stoep vond ik laatst ook een aantal grote pompelmoenen die daar door iemand met bladeren uit zn tuin gedumpt waren. De eerste die we openende was wel lekker, de andere waren wat droog. Ook lag er sterfruit, dat uit een boom die over de muur heenkwam bleek te vallen, maar die dingen waren nogal smakeloos. Eerder vond ik ook een keer bij een glasbak  een hele lading mandarijnen en citroenen die iemand daar gedumpt had. Er waren een aantal niet goed meer, maar de meesten wel. Toen ik daar wat van stond uit te zoeken kwam er een oude vrouw die dat ook wel zag zitten.  Dus toen hebben we de buit gedeeld. 

Door Imane worden we trouwens voorzien van eieren, waar ze een boel van heeft sinds haar 3 kippen en 3 kwartels (opgekweekt vanaf kuikentjes) zijn begonnen met leggen. Het zijn leuke eigenwijze beesten die iedere keer hun omheining weten te ontsnappen en dan met zn drieen langs het raam scharrelen en de boel onderschijten. 







dinsdag 30 augustus 2022

Kameleon



Deze kameleon kwam ik tegen bij mijn favoriete rivierkloof hier (Bras de la Pleine). Het is een soort die op Reunion achteruit gaat, en daarom nu beschermd wordt. Dat is op zich merkwaardig, want het is een door de mens geintroduceerde exoot die uit Madagascar komt; er komen van nature helemaal geen kameleonnen voor op Reunion. 

Ze zullen dat wel doen omdat ze blij zijn eindelijk eens wat beesten te hebben; in feite komt er hier qua dierenwereld van nature bijna niks voor hier. En van wat er aan hogere dieren voorkomt, is meer dan de helft ook nog eens geintroduceerd door de mens. 

Dat er van nature niet veel beesten voorkomen heeft twee redenen: Ten eerste is dit een heel jong eiland - het is pas 3 miljoen jaar oud, en dat is in evolutionaire termen alsof het net uit zee opgepopt is, en het schuim van het zeewater nog nauwelijks opgedroogd is. En ten tweede omdat het nogal geisoleerd ligt - het dichtsbijzijnde grote brok land is Madagascar, en dat ligt toch zo'n slordige 800 km verder. 

Maar goed, terug naar de Kameleon. Het gaat om Chameleo pardalis, de panter-kameleon van Madagascar, en dit is een mannetje. En hoewel een exoot, is ie wel erg mooi natuurlijk. 

zondag 28 augustus 2022

Een prettige mix van culturen

 

Offers aan het strand

 Rondlopend op het eiland valt op dat hier een goede mix is van diverse culturen en etniciteiten. Je ziet hier heel veel interraciale stellen, en mensen in wiens uiterlijk trekken van verschillende etniciteiten te herkennen zijn. Ook zie je hier veel kleurrijke godsdienstige uitingen in de vorm van kleine altaartjes langs de kant van de weg, kerken met teksten als "vreest mij niet", offers (van fruit, bloemen, beeldjes en af en toe een kip aan het strand). Ook vallen op de rijk versierde hindoetempels en, wel in duidelijk mindere mate, slanke minaretten en stijlvolle pagodas. Inwoners van Reunion gaan er prat op dat discriminatie vanwege huidskleur of geloof op het eiland weinig voorkomt.
 Tegelijkertijd is de aanhang van Front National hier in 20 jaar gegroeid van 8 naar bijna 60% van de stemmen... Op internet las ik een post van Julien Boyer die stelt: het type racisme of Reunion is meer een soort classisme.

hindoetempel



Zistoire nout Zancetre
Als je wat opzoekt over de geschiedenis van het eiland lees je dat het eiland ongeveer 2 miljoen jaar geleden onstond door vulkanische activiteit, maar dat het pas in 1505 ontdekt werd door de Portugese zeevaarder Pedro de Mascarenhas, en toen de naam Mascarin kreeg.  Gedurende een dikke eeuw daarna werd het gebruikt als pleisterplaats voor zeevaarders. Volgens de overleveringen waren er  geen permanente menselijke bewoners totdat in 1646 de gouveneur van Madagascar 12 muiters naar het eiland verbande,  Enkele jaren later besloot de  Franse koning het eiland te claimen en het Ile de Bourbon te noemen. De eerste decennia werd het eiland voornamelijk gebruikt door piraten, en groeide de bevolking tot ongeveer 260 mensen. Maar geleidelijk aan zagen steeds meer vermogende lieden brood in de teelt van koffie, graan, kruiden en katoen met behulp van arbeid door slaven, die in grote getalen uit West Afrika werden gehaald.  Eind 18-e eeuw nam het verzet van de slaven, die in grote meerderheid op het eiland waren, toe en waren er diverse slavenopstanden. Op diverse plekken ontstonden in het ruige moeilijk toegangelijke landschap zelfvoorziendend gemeenschappen van gevluchte slaven: de mensen die daar woonden heten Marrons en de plekken noemen ze nog steeds Ilets (eilandjes).  

rotsaltaar langs een wandelpad


In de 19-e eeuw introduceerden de Britten het suikerriet. Zij hadden het eiland ingepikt tijdens de Napoleonitsche oorlogen, en weer Ile de la Reunion gedoopt.  Er was veel animo voor het suikerriet omdat door een paar heftige cyclonen veel eerdere plantages verwoest waren. Een aantal van plantage-eigenaren werden al snel   megalomaan rijk: de suikerbaronnen. Ook vanille dat aanvankelijk niet op het eiland geteeld kon worden vanwege het gebrek aan natuurlijke bestuivers werd een belangrijk gewas nadat door een slaaf uitgevonden was hoe de plant mechanisch bevrucht kon worden.   




Na de Franse revolutie in 1848 werd de slavernij afgeschaft en ontstond er meteen een arbeidstekort. In een korte tijd werden zo'n 75000 Indiase contractarbeiders geronseld. Aangezien er op het eiland op dat moment pas zo'n 100.000 inwoners waren (voornamelijk slaven uit west Africa en hun afstammelingen) ontstond er een nagenoeg gelijke verhouding van deze twee ethniciteiten. Ook Chinese contractarbeiders kwamen binnen via deze route maar in veel mindere getale. Alhoewel er sterke pogingen waren om de nieuwe arbeiders te evangeliseren, hadden zij contractueel het recht gekregen om hun eigen religie te blijven praktiseren en hielden velen zich hieraan vast, alhoewel er in de rituelen steeds meer elementen van de verschillende religies zich mengden. 

Op Reunion wordt ongeveer 70%  geschaard onder het christelijk geloof, (voornamelijk katholiek), moslims en hindoes zijn gelijk verdeeld over ongeveer 10 % en boedhisten ongeveer een kwart procent. Maar met name de religieuze uitingen van hindoes en katholieken vallen op in het straatbeeld. Met name aan de oevers van het strand en de rivieren vindt je veel offers die ons deden denken aan de offers die we zagen in het zuiden van Brazilie. Destijds hadden we begrepen dat het offers waren van de Candomble (zwarte magie) van Africaanse oorsprong, maar hier werd ons verzekerd dat de offers afkomstig waren van de hindoestanen. Er zijn wel grote overeenkomsten met die Braziliaanse offers: de locaties, en de honing, fruit, sigaretten... Maar er zijn ook verschillen: zo zijn kruispunten van wegen minder in trek als in Brazilie, worden er vaker beeldjes geofferd, en schalen van messing, en wat we in Brazilie niet zagen: messen. Ook lijkt er minder sterke drank te worden geofferd, en lijken er minder bloedoffers te zijn, al vonden wij ergens in een droog ravijn de overblijfselen van een witte eend (?) en schijnt dat het overgrote deel van de geitjes die op Reunion worden gefokt bestemd te zijn als offer. 

De taal die hier officieel gesproken wordt is het Frans (het is een overzees departement van Frankrijk), maar de bevolking is ook heel trots op hun eigen taal, het Creools, die een soort pidgeon  Frans is met heel veel woorden uit de diverse culturen. 
De benaming voor Fransen afkomstig uit de Metropole, zoals men hier Parijs aanduidt is Zoreilles. Les Oreilles. 
(Het voorzetsel les is in het creools verworden tot een Z). Er doen verschillende verhalen de ronde over de oorsprong van deze naam. De ene is dat nieuw aangekomen Fransen opvallen door hun rood verbrande oren, de andere dat ze hun hand achter hun oor doen, om de klanken beter op te vangen als ze de creolen niet kunnen verstaan. 









zaterdag 27 augustus 2022

Tec tec

 


Hier de Tec-tec, zoals hij in het creools heet. Een merkwaardig taaltje, wat heerlijk recht-toe-recht-aan uitgesproken moet worden zoals je het schrijft. Een verademing ten opzichte van dat frans. Zo is een veel gebruikte term hier peï, hetgeen hetzelfde betekent en net zo uitgesproken wordt als het franse pays. Het woord is dus hetzelfde, maar hier schrijven ze het zoals je het zegt. 

Met vogels doen ze dat ook zo. Naast de tec-tec (die inderdaad "tec tec" zegt) heb je hier ook een tuit tuit (twiet twiet op z'n nederlands). 

 Iedereen die wat van vogels weet zal dit beestje behoorlijk bekend voorkomen: de roodborsttapuit die ook in Nederland voorkomt (zelfs op ons bomenveld). Alleen is dat niet dezelfde soort, want deze hier op de foto is een endeem, hetgeen betekent dat deze soort alleen op Reunion voorkomt. 

Er zijn trouwens heel veel endemen die zeer sterk lijken op onze eigen Roodborsttapuit: ook op Fuerteventure vlogen er al zulk soort vogeltjes rond, en ook daar was het inderdaad een endeem. 

Deze hier is net als die op Fuerteventura extreem tam. Overal waar je door de bush loopt kom je 'm tegen langs de paden, waar ze pas opvliegen als je ze bijkans met je hand kunt pakken. 

woensdag 17 augustus 2022

Dizzz! Met de bus op Reunion

 I en I gingen naar hun cursussen, maar het was prachtig weer dus ik besloot een eigen trip in mijn eentje te doen. Dat kwam neer op te voet een rivier stroomopwaarts volgen. De wandeling begon aan de kust bij Sint Louis, waar deze rivier door een bedding van honderden meters breed stroomde. Dat laatste moet je je niet al te veel van voorstellen; het gaat dan om een vrijwel droge bedding in deze tijd van het jaar, waarin dan een stuk of wat parallelle beken stromen die nog geen 10% van de breedte van de droge bedding uitmaken. 

Die bedding is ingesleten. Dat begon met wanden van enkele tientallen meters hoog maar eindigde met wanden van honderden meters hoogte. Toen ik de kloof weer verliet via een pad was ging het om een snelstromende rivier in een smalle bedding geflankd door enorme rotswanden. 

Echter, daar gaat dit verhaal niet over. Toen ik aan het eind van de middag de kloof uit kwam was dat in het dorp Entre-Deux. Ingeborg en Ibrich hadden de auto, dus ik moest op eigen houtje van Entre-Deux naar het huis in Piton Mont Vert zien te komen, zo'n 20 km verderop, en aan de andere kant van de grootste stad van het zuiden, Saint Pierre. 

Entre-Deux is trouwens ook een verhaal apart. Stel je een enorme berg voor met geleidelijk en stevig oplopende hellingen vanuit zee. In deze berg zijn rivierkloven diep uitgeslepen. Twee van die enorm diepe rivierkloven komen samen bij Entre-Deux, en het drop ligt dus precies in de wig waar die twee rivieren bij elkaar komen, honderden meters boven de rivieren zelf. Entre-Deux betekent dan ook "Tussen twee". 

Na enig lopen kwam ik aan bij het busstation van Entre-Deux. Heel veel stelde dat niet voor: zes halteplaatsen, 1 bus met een chauffeur er in, en op 1 halte een man die zat te wachten. Verder leegte. 

 Ik sprak de buschauffeur aan: ging deze bus naar Saint Pierre. Een heel verhaal, wat ik nauwelijks kon volgen. Niet omdat mijn frans zo abominabel is, maar omdat het frans hier een soort mengsel van Pigeon-frans en een of ander zwaar accent is, waar dus voor een simpele redelijk frans sprekende Nederlander nauwelijks een touw aan vast te knopen is. 

De wachtende man op het perron bemoeide zich ermee. De buschauffeur was kennelijk van mening dat ik beter kon wachten op die-en-die-bus van Car Jaune, de wachtende proto-passagier vond wat anders. Een levendige discussie ontstond tussen de twee, waar ik maar een beetje bij stond omdat ik het toch niet kon volgen. Het eindigde ermee dat de chauffeur zich over liet halen. Hij wenkte me de bus in, de proto-passagier werd nu een echte passagier en ging ook mee, en de bus zette zich in beweging. 

Wat het kostte, vroeg ik nog. Niks. 

Wat ik er van begreep is dat het een of andere schoolbus was en dat dit om een of andere reden niet regulier was, en dat ik dus ook niet hoefde te betalen. 

Vijf kilometer verder werd ik afgezet in de hoofdstraat van Ravine Cabris, een dorp een stukje dichter de bewoonde wereld in. Er stonden twee bussen te wachten bij deze halte. Ik vroeg de eerste chauffeur of er een bus naar de stad Saint Pierre was. Een vrij kort antwoord waarbij een paar keer het woord "dizzz" viel. Een andere chauffeur bemoeide zich er mee, en weer een levendige discussie heen en weer tussen de beide chauffeurs. Uiteindelijk wendde de eerste chauffeur zich weer tot mij, en kreeg ik nog een keer het woord "dizzz"  te horen. 

Lastig. Wachtend, bekeek ik de vertrekstaten, en nergens stond een lijn tien aangegeven. Ik voelde me onzeker erover, was het niet dat lijn 10 van een andere busmaatschappij was welke hier niet aangegeven stond? Maar beide chauffeurs hadden bevestigd dat ik hier vooraan moest wachten. 

Een toeter. De bus van de eerste chauffeur was zo'n dertig meter vooruit gereden, passagiers waren ingestapt. De deur stond nog open. "Kom je nou nog, of niet" 

"ik zei toch dat je met mij mee moest." 

Ik had er niets van begrepen, maar de man was ook wel erg cryptisch geweest, met z'n "dizzz". Hij had dus niet lijn 10 bedoeld, maar 18 uur TIEN. Zijn vertrektijd. 

Dezelfde passagier die in de vorige bus al bemiddeld had, zat achterin de bus en wenkte me. Hele verhalen tegen me waar ik misschien 3% van begreep. De man sprak puur creools-frans, wat een behoorlijke graad van onbegrijpelijkheid heeft voor een buitenlander als ik. Enthousiast was hij wel. Iedere tweede passagier die binnen stapte werd uitgebreid begroet en toegeroepen, en tussen zulk soort begroetingen door werd ik getracteerd op een waterval aan woorden. Ik weet niet of de man nou een beetje simpel was, of dat het van de alcohol kwam waarvan hij een redelijke slok op had, maar het feit dat ik er niks van begreep leek hem niet te deren, en was geenszins een rem om zich enigszins in te houden. Met wilde hakgebaren vertelde hij dat hij kok/groentesnijder in een restaurant was - maar dat begreep ik meer dankzij de gebaren dan dankzij de woorden.

Halverwege de rit stapte hij uit, en had ik rust.

Een kwartier later stond ik op een overstap-busstation in de stad. De laatste bussen naar ons dorp waren al vertrokken, maar gelukkig was er nog wel eentje die een heel eind dezelfde kant opging. Inmiddels was het donker geworden. Toen ik uitstapte was het nog twee kilometer lopen naar huis, maar halverwege kreeg ik nog een lift van een vrouw die dezelfde kant opreed, dus uiteindelijk ben ik goed thuisgekomen. 


 

maandag 15 augustus 2022

Haar van Pele, of hoe iedereen blind is voor wat hij niet ziet.

Afgelopen zaterdag vond het dan plaats: de wandeling naar de top van de aktieve vulkaan hier. Die vulkaan is een van de meest actieve van de wereld, maar voor iedereen die zich nu zorgen maakt: nee, er was geen uitbarsting, en ik heb geen draad lava gezien - of nou eigenlijk toch wel, nogal letterlijk, maar daarover zo meer. 

De Piton de la Fournaise (piek van het fornuis) barst hier elke 9 maanden uit, alleen de laatste 4 of 5 jaar is er geen uitbarsting meer geweest. Extra gevaarlijk dus zou je zeggen, maar de uitbarstingen beperken zich meestal enkel tot het gebied van de caldera. 

De vulkaan ligt op de oostpunt van het eiland, en ligt in een enorme caldera: een ingestorte oude krater met een diameter van enkele kilometers. Die caldera is een oude versie van de vulkaan, die een paar honderd meter naar beneden gestort is omdat het plafond van een grote magmakamer onder de grond het begaf. Het resultaat is een platte vlakte omringd met een scherpe rand van rotsen van enkele honderden meters hoog, met in het midden van die vlakte een nieuwe grote kegel van de vulkaan.  Op de foto hiernaast is de krater te zien.

Omdat ik zulk soort trips altijd alleen moet doen (Ingeborg heeft de energie niet, en Ibrich is een puber) had Ingeborg voor mij een oproep geplaatst op het locale sociale netwerk, en we hadden dus een groep van 5 personen die elkaar vooraf totaal niet kende, nog nooit ontmoet had, en die gezamelijk deze toch van 5+ uur ging ondernemen. En dat pakte bizar goed uit: er was echt klik, en de meesten van het gezelschap waren werkzaam in de wetenschap of hadden daar affiniteit mee, en het gehalte aan mensen die affiniteit met vegetarisme hadden was ook ongekend groot - en dat is echt bijzonder voor fransen. 

Het gezelschap beweegt zich omhoog, de vulkaan op


Het meest bizarre was nog wel de overeenkomst in dagelijkse bezigheden/banen. We hebben dus mijzelf, die nu applicaties bouwt voor de simulatie van infectieziekten. Dan hadden we de Tsjechische Katarina, die als dierenarts voor de public health service van de eilanden van de Indische Oceaan werkte, als specialist op het gebied van zoönoses, en dus ook met infectieziekten bezig was. Dan was er phd-studente Vasnim, die een project hier deed aan biologische bestrijding van infectieziekten bij landbouwgewassen. Sakir, een frans universitair docent fysica zat hier inhoudelijk wat verder vanaf, maar maakte ook simulaties maar dan aan het gedrag van vloeistoffen. Vijfde man van ons gezelschap was Quentin, Een fysiotherapeut,  met een brede wetenschappelijke interesse; hij wist ook veel te vertellen over de soorten lava. 

Terug naar de titel. Bijna bovenaan de top viel me op dat er in de oppervlakkige spleten er ribbels tussen de gestolde lava overal een gouden gloed te zien was. Nadere inspectie leerde dat het om naaldjes van tienden van millimeters dik ging, meestal enkele centimeters lang, en met een koperkleurige metaalglans. Bizar genoeg had niemand van ons gezelschap die naaldjes gezien, en ook toen ik ze er op wees zagen ze die naaldjes eerst niet. 



Op weg terug vanaf de top van de vulkaan over de vlakte viel me echter op dat die naaldjes overal lagen in de groeven en spleten. Het lag er mee bezaaid, maar niemand leek ze te zien (of een blik waardig te gunnen). Terwijl ik ze erg mooi vond. Kennelijk had ik ze de hele heenweg dus ook nooit en te nimmer gezien. 

Alhoewel ik in essentie een leek ben op dit gebied, weet ik wel iets van mineralen, en sloeg ik al snel aan het speculeren. Eerst dacht ik aan markasiet: dat is een vorm van het welbekende pyriet, maar dan in de vorm van radiale knolletjes of naalden. Het is ijzersulfide, en omdat het op zo'n vulkaan stikt van zowel ijzer (alle oude lava kleurt roestig vanwege het oxiderende ijzer) en van de zwavel, leek me dit niet onlogisch. 

Onderzoek via internet terug thuis deed me eerder denken aan Milleriet: ook een sulfide, maar dan van Nikkel, en dat leek er veel meer op dan Markasiet. Enige probleem: Milleriet is tamelijk zeldzaam, en dat was dit spul duidelijk niet want die hele vlakte lag er mee bezaaid. 

Ook een minpunt: nergens bij deze mineralen was er een connectie te vinden met vulkanisme - een veeg teken dus dat je toch fout zit. 

Ingeborg had het via app aan Marion gevraagd, en die bleek het fijne er van te weten: het is een fenomeen dat bekend staat als Pele's haar. Als een uitbarsting van een vulkaan gepaard gaat met veel lavafonteinen, dan wordt er veel fine lava de lucht in gespoten. Die fijne lava waait dan uit elkaar door een sterke wind, en op die manier kun je aan de lijzijde van de vulkaan overal goudgekleurde dunne gestolde draden van lava vinden. De draden bestaan uit silicaten, glas dus, en zijn vaak veel minder dan een millimeter dik, en kunnen varieren in lengte van enkele centimeters tot zelfs een meter of twee. 

Waarschijnlijk is het spul afkomstig van de laatste uitbarstingen, een jaar of vier geleden, en hoopt het zich als stof vooral op laaggelegen plekken tussen ribbels - precies waar ik het ook vond. Het spul is zelfs tot op zekere hoogte gevaarlijk: omdat het glas is kan zo'n naaldje afbreken, en dat is natuurlijk niet fijn als hij dat doet nadat hij diep in je vinger geprikt is. Net na een uitbarsting kan het spul nog in de lucht hangen, en dan is het helemaal link omdat je het in je ogen kunt krijgen. 

Het heet Pele's haar naar de Hawaiaanse vuurgod Pele, de god van de vulkanen.  

Een zijpiekje met krater, daarachter de vlakte, daarachter de caldera-wand, en helemaal rechts bovenin de hoogste toppen van het eiland: Grand Benard en Piton de la Fournaise. De laatste is ook een vulkaan, maar dan inactief. 

De vulkaan zelf. Let op de zwarte lavastromen.

De vlakte van de caldera, met daarachter de calderawand van een paar honderd meter hoog.



zondag 7 augustus 2022

Beeld bijstellen

 Afgelopen zondag waren we uitgenodigd om onze nieuwe vrienden Coralie en Alain te ontmoeten bij de rondavelle des surfeurs in Saint Leu. Elke zaterdag en zondag is er langs de boulevard en in een restaurant gratis live muziek, met op twee punten (le rondavelle des surfeurs en een andere rondavelle) een podium. We hadden afgesproken om  19.30 uur, maar ergens een parkeerplek vinden is op zo'n avond echt een ding. Overal in de nogal smalle straten staan auto's. Op de stoep; en op de gekste plekken; zelfs driedubbel geparkeerd is geen uitzondering: Het komt op mij over alsof  de politie niet echt handhaaft (althans niet op zaterdag en zondagavond) maar Rinke durfde het toch niet aan ook op de stoep te parkeren dus duurde een plekje vinden even.  Uiteindelijk waren we er een kwartiertje later en toen was het al erg druk:  Gelukkig vonden we Coralie & Alain vrij snel en wandelden we met hen samen van het ene naar het andere podium. Er was een drukke menigte, veel eetkraampjes, en bij herhaling kwamen we vrienden en kennissen van hen tegen. 

Alain vertelde dat het normaal veel drukker is. Saint Leu (en nog een restaurant bij Saint Paul) is the place to be voor het hele eiland op weekendavonden. Door de zomervakantie hebben echter veel mensen het eiland verlaten. 

Op de heenweg kwamen we tussen de beide podia langs een act van een man met diverse blaasinstrumenten : dwarsfluit; klarinet; saxofoon, trompet en hij zong ook nog, verlicht door van kleur verspringende ledlampjes. Op de terugweg was er tussen de bomen wat aan de gang met trommels. Dat is typisch creools zeiden A en C. Wij erheen. Een groepje mensen, waaronder een kind van drie, trommelde en zong, en steeds meer mensen sloten zich aan bij de Afrikaanse ritmes . Nadat de officiele podia waren gestopt omstreeks 21.30 werd het echt druk rondom deze spontaan gevormde groep, en toen wij om 22.00 huiswaarts gingen, zag het er naar uit dat het feest daar nog wel een poosje zou doorgaan.




Dus mijn beeld dat mensen in Reunion vroeg naar bed gaan kan weer bijgesteld. Alhoewel de officiele dingen dus wel al rond  tien uur sluiten.

woensdag 27 juli 2022

Terug naar de poel


 

Terug naar de poel van de vorige keer, en deze keer nog wat meer foto's. 











zondag 24 juli 2022

Op Vakantie




Iemand wenste ons "nog een prettige vakantie".

Ik zat daar een beetje over na te denken. Ok, we zijn op een exotische locatie, ver weg uit ons "normale" bestaan, de dagelijkse sleur, maar toch voelt het niet echt als vakantie. 

Wat maakt het dan anders? Misschien het gegeven dat we ons, in die 2,5 maand zoveel mogelijk proberen in te passen in het dagelijks leven hier? Een structuur te creeren met activiteiten, kennissen en vrienden. En Rinke werkt gewoon door voor zijn baan in Nederland. (dit keer niet veel anders met een tijdsverschil van maar twee uur).
 Toch is het natuurlijk ook anders dan de andere keren (zoals in Brazilië, Mexico en nieuw Zeeland) toen we voor een wat langere periode naar een ander land gingen. Een tijdsbestek van ongeveer 11 weken is natuurlijk erg kort, je kunt op z'n hoogst wat snuffelen aan het leven hier,  dus wat dat betreft zou je het ook wel een vakantie kunnen noemen. Maar toch voelt het anders. Maar wat is dan het verschil? 

Misschien toch dat je meer je best doet om je te verbinden met het leven hier. Meer investeert in contacten, de taal probeert te leren, en iets van de lokale gebruiken op te vangen. Tegelijkertijd heb je te maken met het organiseren van de randvoorwaarden zoals huisvesting, vervoer, voeding, leuke activiteiten waar we aan kunnen deelnemen vinden, regelen en de materialen daarvoor.  En dat is eigenlijk best intensief want in het begin ken je natuurlijk geen heg en steg. Extra lastig is dat het land hier een enorm relief heeft: dan zie je bijvoorbeeld al van ver iets liggen zoals een supermarkt op een berg, maar als je dichterbij komt, onderaan de berg is ie niet meer te zien en heb je geen idee welke kronkelige weg naar boven je moet nemen.  Ook heb je in het begin te maken met allerlei dingen zoals een telefoon of internet die het om onverklaarbare redenen niet doen, winkels of supermarkten die pas om 12 am open gaan of dicht zijn voor de siesta en het donker dat tegen 18 en 18.30 snel invalt. Alhoewel het nu winter is hier met een maximum temperatuur overdag van zo'n 25 graden is het leven hier aangepast aan het tropisch klimaat. Dat betekent vroeg op, in de namiddag een pauze/ evt en siesta, en daarna verder. Maar ook niet tot heel laat. Want de meeste mensen lijken hier vrij vroeg al naar bed te gaan. En niet alleen zij maar ook wij liggen er rond 21.30 in, terwijl we wel rond dezelfde tijd als in Nederland opstaan. 

Gisteravond waren we bijvoorbeeld naar het afsluitende feest van een festival. Er was een film, die begon om zes uur, en een concert, welke begon om acht uur, en vervolgens was het tegen half tien een aflopende zaak en begonnen mensen naar huis te gaan. En dat op een zaterdavond! Dat kun je je in Nederland haast niet voorstellen.  En op de 14e juli, de nationale feestdag van Frankrijk was er  aangekondigd dat er een feest met vuurwerk zou zijn om half acht bij het strand. Wij dachten dat  we wel rustig aan konden doen,  wij houden niet van vuurwerk, wilden alleen het feest een beetje zien en mensen arriveren toch altijd wat later..  Maar niet dus.  Toen wij de auto (een heel eind verderop) hadden weten te parkeren,  en tegen kwart over acht aankwamen gingen grote groepen mensen alweer huiswaarts.

Maar weer even terug naar het onderwerp van dit stukje: Anders misschien ook is dat ons leven in Nederland nu ver weg lijkt.  Het voelt alsof we  ook net zo goed hier een jaar of langer kunnen blijven. We wonen nu hier. De realiteit van alle dag is nu hier.  Als je op vakantie bent is het meestal toch een kortere periode en dan ligt het aftellen tot  het huiswaarts gaan toch wat meer aan de oppervlakte van je bewustwijn. 

Maar goed. Met afscheid nemen zijn ze nu voorlopig nog niet bezig. Maar des te meer  met opstarten van ons leven hier. Voor wat betreft activiteiten gaan Ibi en ik nu voorlopig elke woensdag naar een cursus vlechten met palmbladeren (gisteren was de eerste keer) en elke zaterdag naar een keramiek atelier. Verder heeft Ibi vandaag een eerste duik,  maakt Rinke regelmatig een lekkere wandeling en bezoeken we af en toe iets toeristisch zoals vorige week Kelonia, een soort opvang a la Pieterburen maar dan voor schildpadden. Wat een schitterende beesten. Groot ook! Het schijnt dat er maar twee schildpadden eieren leggen op Reunion, en dat er ook een poos geen schildpadden hier meer kwamen, door verstoring van hun habitat door mensen. Dat er toch weer twee schildpadden hier jaarlijks eieren komen leggen is dus een triomf en ook heel bijzonder want schildpadden zijn heel honkvast qua locatie.






 

vrijdag 22 juli 2022

Weer een mislukte wandeling, maar deze keer goed mislukt

Grand Ravine - schijnt volgbaar te zijn tot nog voorbij de verste brug zichtbaar in deze foto.


Ingeborg en Ibrich waren vandaag bezig met artistieke workshops, en ik moest om 's ochtends 8 uur met een zieke kip naar de dierenarts onderaan de straat. Gelukkig was dat laatste op loopafstand. Maar toen ik terug kwam met kip en medicijnen, waren Ingeborg en Ibrich dus al naar hun afspraak met de auto, en de afstanden hier zijn meestal ook niet beloopbaar of befietsbaar. 

Maar geen nood, het bleek dat het openbaar vervoer best goed is. In Frankrijk zelf is het waardeloos, maar hier was ik aangenaam verrast door de kwaliteit, prijs en frequentie. 

We wonen nu dus voor een aantal weken in Piton St Leu, een plaatsje wat een paar kilometer bergopwaarts ligt van het havenstadje St Leu (alle steden zijn hier een of andere Sint). St Leu stelt niet zo heel veel voor, maar toch is het busnetwerk best goed. 

Ik had al eerder het vage plan ontwikkeld om Grand Ravine (het grote ravijn) stroomopwaarts te gaan verkennen. Dat is een enorme brede en diepe kloof die in deze tijd van het jaar vrijwel geheel droog staat, en waar we al een aantal keren via een viaduct overheen gekomen zijn op weg naar Sint Paul, een stukje verderop. 

Al snel had ik een website gevonden met het netwerk van bussen, en zowaar er liep een buslijn direct van Piton St Leu, door Sint Leu, linea recta naar het viaduct van de kustweg over Grand Ravine. De bushalte was 10 minuten lopen, en de bus deed 25 minuten over zo'n 15 km rijden, en dat voor 2 euro. En hij ging ongeveer eens in het uur - OK, dat is geen Nederland, maar voor franse begrippen is dat geweldig. 

Het pad wat ik zou volgen, Grand Ravine in, bestaat dus niet. Ik weet het, ik had me voorgenomen hier niet meer te bushwhacken, maar een ravijn volgen (zeker als dat een 'Grand' ravijn is) is nog wat anders dan zomaar door de bush gaan, dus het leek me wel te doen. Zo'n droge rivier is toch voornamelijk van steen tot steen hoppen, en dat gaat prima. Volgens opnieuw de bushwhackers van Randopitons was de voorgenomen route slechts "dificil" ( en dus niet "tres dificil" wat ze ook veelvuldig hebben), en kon je vanaf de kust tot 3 km landinwaarts komen in anderhalf uur tijd, tot onderaan de eerste waterval. 

Die bustocht ging dus voorspoedig, en ik had besloten een halte later dan Grand Ravine uit te stappen, om nog een stukje kust mee te pakken bij de tocht. Alleen hier ging het dus opnieuw mis, maar nu goed mis, met nadruk op "goed". Dat stukje kust wat ik mee zou pakken, lag achter een enorm stuk bouwterrein waar niemand op mag, en waar voornamelijk hopen stenen en graafmachines staan, maar waar meestal geen activiteit is. Tussen dit bouwterrein en de kust is dan ook nog een flinke wabi-bosschage. Die wabi, die kennen we nog van onze tijd in Curacao - daar stond het er vol mee. Het is een struik die het grootste deel van het jaar compleet kaal is, die hoogstens drie meter hoog wordt, en die veel vertakte takken heeft met enorme lange doorns er aan. Een van die doorns had ik bij mijn eerdere bushwhack-avonturen al uit mijn been geplukt - het was er eentje van 3 cm lang. 

De wabi-bosschage


Al met al was dat stukje kust vanaf de weg slecht bereikbaar, terwijl het werkelijk prachtig was. Een smal paadje voer tussen de wabi's en de afgrond door, kronkelig over de bovenkant van de kliffen. Ergens halverwege lag een verscholen paradijsje: grote diepe rotspoelen waar je alleen met flink omlopen kon komen, en die slechts af en toe door een grote golf van water voorzien werden. De diepste poel kon je net niet staan, en zat vol met de prachtigste koralen en vissen. 

Je moet weten dat de oceaan hier erg moeilijk is, en bepaald niet tegenmoetkomend is richting toeristen. Stranden zijn er niet heel veel; het meeste is rotskust. Je kunt vrijwel nergens zwemmen; dit omdat elke poging tot zwemmen hoogstwaarschijnlijk zou eindigen in een bloederige tegen de rotsen gekwakte pulp. Voordat de golven hier woedend op de kust beuken hebben ze namelijk de hele Indische Oceaan over kunnen steken - duizenden kilometers aan ongehinderd niks maakt dat golven erg groot worden. Daarnaast stikt het hier van de gevaarlijke haaien, en vind je her en der langs de kust opgerichte kruisen voor haaienslachtoffers. Je kunt alleen de zee in op plekken waar er een koraalrif vlak voor de kust ligt, zodat er een beschutte lagune ontstaat. Die plekken zijn er wel, maar daar is het dan natuurlijk meteen ook smoordruk, en het snorkelen achter zo'n rif viel ons tot nu toe behoorlijk tegen. Je zag vooral kale zandbodem met stukken rots bezaaid met zeekomkommers, maar een fatsoenlijk stuk levend koraal had ik nog nergens gezien. 

Totdat ik dus aangenaam verrast deze poelen tegen kwam. 

Kortom: het was hier zo mooi dat ik er ben blijven steken, en geen tijd meer had om die Grand Ravine te gaan doen. 

Ik had voor deze dag het plan gehad om te gaan "rockhoppen" door een opgedroogde rivierkloof, en had daarom niks aan snorkelmateriaal of zwemspul bij me, maar toch zo goed en kwaad als het gaat deze foto's kunnen maken. We zullen hier zeker terug komen. 

wandje met zeeanemonen - iets wasroos-achtigs