woensdag 9 november 2011

Vetes en (on)geloof op Tangarakau

--Vervolg van Verloren Wereld--

Na een kampeernacht te Whangamomona begaven we ons hevig carpoolend naar het vertrekpunt: het eind van een grindweg, bij een spoorbrug naast een tweetal boerderijen waar de honden ons op een uitgebreid blafconcert trakteerden.
En vervolgens komt er heel wat bij kijken voor je weg bent: kano's afladen, spullen uitpakken, kano's met touwen de helling af laten glijden, en ondertussen moesten de chauffeurs de auto's weer terug brengen, om allemaal samengepakt in een enkel voertuig weer terug te keren. Jitse werd ineens nog heel blij toen bleek dat vriendje Oliver van school ook van de partij was. Die kenden we nog van andere avonturen.


Jitse, Oliver, Ibrich en Rinke in de Canadees. Staan natuurlijk, want dat is stoer.

Een paar uur later was het zover. Ik, Rinke, samen met Jitse en Ibrich in een canadees, en Ingeborg in een eigen kayak. Een canadees is de klassieke indianenkano waar je met een aantal mensen tegelijk in kan zitten. Alle spullen in een aantal grote tonnen en wat "sealbags" - want nat zou het worden.
Inderdaad, goed gezien: de aanwezigheid van Oliver betekende dat ik niet twee kinderen te bepeddelen had, maar drie!


krabbenwandje

De rivier ging regelmatig langs zulk soort rotswandjes. Heel bijzonder hier waren de fossielen van enorme krabben. Dit zijn speciale fossielen die alleen hier in Oost Taranaki gevonden worden.
Zie ook hier. De soort heet Tumidocarcinus giganteus, en de fossielen stammen uit het Mioceen, zo'n 25 miljoen jaar oud. Zelf hebben we er ook een stuk of vier gevonden. Na afloop ontdekte ik dat de mooie exemplaren voor honderden tot duizenden dollars aangeboden worden op het internet - er ligt in die afgelegen kloof dus een waar goudmijntje die gelukkig nog niet ontdekt is.

Onze grote kano-goeroe Peter vond de fossielen allemaal wel erg mooi, maar merkte bij de leeftijd van de fossielen droogjes op "als je dat gelooft ja". Want in de Bijbel stond toch heel wat anders.


Rinke neemt de waterval


Na een nacht in de rimboe in onze tentjes, troffen we een heuse waterval op de tweede dag. Iedereen er af natuurlijk; zelf ben ik twee maal geweest. Een keer in een kayak van iemand die niet zo hoefde, en eentje met Jitse in onze Canadees - tot groot vermaak en genoegen van Jitse zelf, die het natuurlijk prachtig vond. Ingeborg was trouwens een van de eersten die de waterval afging - en een van de weinigen die omsloeg daarbij.




De rivier meandert zich zo'n 23 kilometer door een verlaten bosgebied waar verder helemaal niets van menselijke aktiviteit te vinden is. Hij is trouwens te volgen via google maps: klik deze link, en dan flink inzoomen. Het labeltje met de A is precies ons instappunt, en vandaar hebben we de rivier gevolgd naar het Zuiden (de onderkant van de kaart). Als je ook nog klikt op "satelliet" in plaats van "kaart" (rechts boven) kun je de prachtige meanders van de rivier een heel eind volgen.


Oliver doet een aanval


Met name de tweede dag zorgden de ontberingen en het afzien er voor dat de onderhuidse spanningen opspeelden, hetgeen uiteindelijk ontaarde in oude vetes die weer in alle hevigheid opbloeiden, en nieuwe vetes die ontstonden.
Een oude vete was die tussen Bronnie, de vrouw van Peter, en een van de organisatoren, en Brendon, een olijke pestkop die iedereen die te brutaal is trakteert op een plens water. Natuurlijk had onze Canadees het ook regelmatig aan de stok - eh.. peddel - met zowel Bronnie als Brendon.


Grijnzend achterop bij Brendon.


Jitse werd daarbij steeds brutaler, en stapte op een gegeven moment doodleuk uit onze kayak om bij aartsrivaal Brendon achterop te gaan zitten. Om vervolgens lekker een heel stuk bij hem achterop te blijven zitten.


Kayakdiefstal


Het hoogtepunt van Jitse was toen de al jarenlang voortsudderende vete tussen Bronnie en Brendon tot uitbarsting kwam: Bronnie sprong uit haar kayak het water in om Brendon om te gooien (hetgeen lukte). Jitse zag zijn kans schoon, gebaarde me om snel langszij te peddelen, en sprong snel in de verlaten ronddobberende kayak van Bronnie.


Jitse gaat er vandoor.


En vervolgens, in een moment van onachtzaamheid van Bronnie, ging Jitse er razendsnel vandoor met de gestolen kayak. Bronnie probeerde hem nog zwemmend bij te houden, maar uiteindelijk moesten we haar drijfnat en half verzopen in de canadees hijsen. En Jitse had uiteindelijk wat hij de hele tijd al gewild had: een kayak voor zichzelf.


Inpakken bij het eindpunt


Uiteindelijk kwamen we in de late zondagmiddag aan bij het eindpunt. Iedereen hard aan het werk om de kano's weer in te pakken en op de trailers te hijsen, alle spullen weer in te pakken, etc. etc..
Vervolgens waren we allemaal net op tijd thuis om de grote finale van het wereldkampioenschap rugby te kunnen zien - waar Nieuw Zeeland uiteindelijk voor het eerst in jaren wereldkampioen zou worden.

Niet dat wij gekeken hebben - maar de Kiwi's hadden dat toch niet willen missen.



Bij deze brug eindigde onze trip, en begon de lange weg terug naar de bewoonde wereld.




en speciaal vervroegd geplaatst voor Menno - sterkte!! Beste Menno, komende dagen gaan we de frequentie wat opvoeren hier zodat je wat leesvoer hebt.

dinsdag 8 november 2011

Verloren wereld

Het gekano van de laatste tijd culmineerde onlangs in een 2-daagse trip met de kano-club op Tangarakau river.

We zijn geen lid van de kano-club, maar dat was gelukkig geen bezwaar. Via een tip van iemand in het dorp kwamen we terecht bij de kano- & kayakshop in New Plymouth, van waaruit de trip georganiseerd werd. Peter, de uitbater, wilde dan wel dat we eerst een middagje cursus volgden, om niet met een stel volslagen leken opgezadeld te zitten. Hetgeen geschiedde. We werden goedgekeurd!

Op de vrijdagavond togen we in kolonne de rimboe van Oost Taranaki in. Taranaki, de provicie waar we wonen is een dikke puist die aan de westkant van het Noordeiland de Tasman Zee insteekt, en die in wezen nogal geisoleerd van de rest van het land ligt. Dat komt omdat dat stuk wat ons met de rest verbindt zo ongeveer het meest onherbergzame gebied van het Noord-eiland is. Er zijn dan ook maar drie wegen die Taranaki met de rest van het land verbinden: de weg die door de bergen langs de rotsige Noordkust slingert (met regelmatig bochten waarbij de adviessnelheid 15 km/h bedraagt), de weg langs de zuidkust, en eentje in het midden met de veelzeggende naam "Forgotten Highway", ook wel "Lost World Highway" genoemd.

De bijvoegelijke naamwoorden zijn in dit geval zeer terecht, alleen dat Highway moet met een dikke korrel zout genomen worden. Het is dan wel een Highway in de zin dat het tot het officiele hoofdwegennet behoort, maar de weg kronkelt dat het een lieve lust is, en grote stukken zijn niet verhard.

De "Lost World" is zo lost omdat zich hier het enorme stroomgebied van de Whaganui river bevindt. Een grote kronkelende rivier met een heel netwerk aan zijrivieren, ontspringend op de grootste vulkanen van het Noord-eiland, zich door diepe kloven en valeien ploegend in een onontgonnen oerwoud van boomvarens en woudreuzen.
Natuurlijk is het wel geprobeerd, dat ontginnen. Er zijn hier bruggen over de Whanganui river met betekenisvolle namen: "Bridge to nowhere", "Bridge to somewhere", en "bridge to elsewhere".
De bridge to nowhere is een bijzonder verhaal. De brug werd voor de tweede wereldoorlog aangelegd over de rivier om een gebied er achter te ontsluiten; er hadden zich in dit gebied enkele tientallen families gevestigd. Echter, de bouw kostte nogal wat tijd, en tegen de tijd dat de brug klaar was, hadden vrijwel alle families de strijd tegen de elementen en het oerwoud opgegeven en waren weggetrokken naar betere oorden. Het resulteerde in een brug die tot op de dag van vandaag helemaal nergens naar toe gaat, en symbool staat voor de ontgoochelingen die de pioniers soms meemaakten. Tegenwoordig is de brug een toeristische trekpleister, althans, voor die toeristen die de moeite nemen zo diep de rimboe in te duiken. Er worden verscheidene commerciele meerdaagse kanotrips naar toe georganiseerd. Hoewel het wel in de planning zit, zijn wij zijn nog niet bij deze "bridge to nowhere" geweest, omdat de Tangarakau river die we bevaren hebben slechts een zijrivier is van de Whanganui.

Op vrijdagmiddag togen we in carpool-kolonne naar de camping van Republiek Whangamomona, een gehucht van zeven huizen langs de Forgotten Highway. De republiek stamt uit recente historie: in 1989 werd bij een districts-herindeling het gehucht bij een ander district ingedeeld, tot groot ongenoegen van de bewoners. Uit protest werd de vrije republiek Whangamomona opgericht. Uiteindelijk werd de herindeling teruggedraaid en bleef Whangamomona bij Taranaki behoren, maar sindsdien wordt de inofficiele republiek nog steeds gekoesterd.

Na al deze historische achtergrond de volgende keer een verslag van de kanotrip zelf.

zondag 6 november 2011

Wild water

Een van onze favoriete strandjes is even voor bij Okato, het volgende dorp. Een smalle, deels onverharde weg loopt er dood op de duinen; het strand is er immens, verlaten en leeg, en bezaaid met drijfhout in de meest bizarre vormen. We hebben al eens eerder een stukje daarover geplaatst.

Wat er vooral leuk is is dat er een riviertje op uitkomt, dat een heel eind evenwijdig aan het strand stroomt, en de grens markeert tussen het strand en de landerijen er achter. Het eindigt in een lagune met watervalletje dat van een klif komt. Aan het eind stroomt de lagune leeg in zee.

Dit riviertje blijkt ook heel geschikt te zijn om te leren kanoen. Net diep genoeg voor de kinderkano's, het stroomt aardig maar niet te hard, en bij de lagune kun je uiteindelijk lekker luieren of weer eens een hele rivier omleggen.

Hieronder wat foto's.


Hier is er genoeg stroming en diepgang



Bijna bij het eind, bij de kleine lagune. Hier is het riviertje soms nogal ondiep. Jitse moet duwen.



De lagune. Links van het midden het watervalletje, tussen de bomen. Soms komt het direct in de lagune uit, nu is er aan de voet van de waterval nog zo'n 50 meter riviertje. Het is een erg dynamisch landschap: elke keer dat we er komen is het weer heel anders, en hebben rivier en lagune zich weer verplaatst.



lagune



De laatste tientallen meters van de rivier, vlak voor deze in zee uitkomt. De hoge zandwal (> 2 meter) was goed voor uren speelgenot.



Terug tegen de stroom in is er een trekpaard nodig. Ze proberen stoer in de kano te gaan staan, maar Jitse valt overboord onder veel geschater en gespat.



De weg terug

woensdag 2 november 2011

Belastingpijn

Ik ben door een hel gegaan, de laatste vier dagen. Namelijk: belastingaangifte.

Dat krijg je als je zo moeilijk doet als wij: de ellende die je je op de hals haalt met belastingen is onvoorstelbaar. Niet alleen wordt je teruggeworpen in het stenen (papieren) tijdperk (digitaal aangifte doen kan ineens niet meer), maar ook stijgt het aantal vragen op het formulier ineens exponentieel. Honderdendrie vragen (waarvan velen met subvragen die lopen van a tot en met s of daaromtrend), op 60 pagina's aan formulier, en dat voor twee personen, want ook gezamelijk aangifte doen kan ineens niet meer. De toelichting van al dat moois is een boekwerk van zo'n 100 pagina's. Vier dagen werk en vele telefoontjes naar de belastingtelefoon nodig, alsmede veelvuldig raadplegen van het internet.

Maar goed, het leed is geleden, we kunnen het opsturen, en op die manier nog net een vette boete ontlopen wegens te laat inleveren.
Dat laatste komt omdat ook de belastingsoftware van mijn werkgever zich verslikte in ons bizarre gedrag: EN levenloopregeling opnemen, EN vertrekken naar het buitenland, maar nog wel doodleuk blijven werken terwijl je niet meer in NL woont. Zulk soort bizar gedoe kun je niet aan, als belastingsoftware, en daar verslik je je dan ook danig in, dus het was lang wachten op mijn jaaroverzicht 2010.

Daarnaast werkt de belastingdienst zelf ook niet echt mee en blinken ze uit in vaagheid en traagheid. Eerst roepen dat je helemaal niet belastingplichting bent (een leugen), en niks opsturen. Vervolgens toch wat opsturen, maar pas drie maanden later. En dat is dan midden in de zomervakantie, en dan moet je binnen vier weken een en ander weer terug sturen. Ze houden er bij de Nederlandse belastingdienst sowieso totaal geen rekening mee dat de post er tot 2 weken over kan doen, dus dan krijg je weer van die papieren die je terug moet sturen waarbij je er standaar meteen weer een uitleg bij kan voegen waarom het te laat is.

Maar goed, het heeft ook z'n voordelen. Je hebt als geëmigreerde namelijk de keuze tussen vallen onder het Nederlandse belastingrecht, of vallen onder het Nieuw Zeelandse. Bovendien kunnen we dat beide onafhankelijk van elkaar kiezen, dus daar kun je dan lekker mee schuiven.
De eerste uitkomst (na heel veel rekenwerk en alles in een spreadsheet stoppen) was dat we samen zo'n 750 euro bij moesten betalen). Met wat gegoochel met keuzeopties en wat geschuif over en weer van gezamelijke bezittingen heb ik dat inmiddels om weten te buigen tot 1150 euro terugkrijgen. En kijk, dat loont - met vier dagen zwoegen toch even bijna 2000 euro verdiend.

Maar het is niet m'n hobby. Gelukkig wordt dat voor 2011 hier een stuk simpeler; dan zitten we niet in een situatie van half in Nederland zijn, en half in het buitenland.

zondag 30 oktober 2011

Walking bus

Naast alle vertier die we hier vermelden gaan de kinderen natuurlijk ook gewoon naar school. Elke dag gaan ze met de "walking bus" mee. Dat is een stoet kinderen uit onze straat en de parallelstraat, die onder de hoede van een ouder de weg naar school gaan. Elke dag is er een andere ouder aan de beurt; wij doen tegenwoordig de maandag. Je brengt je kinderen naar de hoek van de straat, en klaar is kees. Nou is de school niet echt ver (600 meter), maar het scheelt toch wel weer een klein half uur.

Jitse vindt het maar niks, want hij wil natuurlijk dat zijn ouders hem elke dag helemaal bij school brengen. De andere ouders zijn natuurlijk niet aardig (zegt Jitse), en de kinderen in de walking bus eigenlijk ook niet. Maar veel te klagen heeft hij niet, want de walking bus gaat alleen maar heen - het weer ophalen van school is ieder voor zich. En hij speelt regelmatig met sommige kinderen van de walking bus, dus kennelijk zijn ze alleen niet aardig als ze in die walking bus zitten.
En Ibrich luistert gewoon niet naar de leidinggevende ouder - hetzij als stille daad van protest, hetzij domweg uit gewoonte... iets waar wij zo langzamerhand wel aan gewend zijn, maar wat sommige moeders van de walking bus toch wel even lastig vonden, in het begin.

Maar ondanks het geklaag van Jitse en het niet luisteren van Ibrich is de walking bus ook best leuk, af en toe. De buren die aan de overkant van de moerasrivier in onze tuin wonen hebben twee lammetjes als huisdier. Hun huis kunnen we net niet zien door de rimboe, maar regelmatig horen we van die zijde geblaat door het gebladerte komen, soms op behoorlijk onchristelijke tijden. Ingeborg had al geregeld dat we die twee lammetjes eens een middag konden lenen om wat te doen aan het allengs woekerende onkruid in onze tuin.
Af en toe nemen hun kinderen de lammetjes aangelijnd mee met de walking bus, en da's feest natuurlijk. Ibrich die met een aangelijnd lam dolenthousiast heen en weer draaft, waarbij je je echt afvraagt wie nou wie uitlaat...

Het is natuurlijk niet altijd pret. Soms is de walking bus gewoon... ja, wat saaiig misschien zelfs. Van de lammetjes hebben we geen foto's; hier wel wat foto's van zo'n gewone door de weekse walking bus.


Even poseren tijdens het wachten op het afspreekpunt, op de hoek van onze straat.



Jitse



Ibrich



Samen het zebrapad over op weg naar school



Veilig aangekomen. Dit is Ibrichs klas. Ibrich zelf zit in het midden, herkenbaar aan haar rose wolk van glitterhaar.

woensdag 26 oktober 2011

Boomhut-satelliet

Omdat het niet op kan, zijn we maar weer begonnen met de bouw van een nieuwe boomhut. Een kleintje dit keer, vlak bij dat ding om ons huis wat begint als een veranda en eindigt als balkon. De bedoeling is dat je via een loopbrug vanaf dat balkon de boom in kan, en dan met een kabelbaan met katrol naar de grote boomhut kan glijden - dik vier meter boven de grond.

Hier foto's van de bouw; opnieuw enkel met touwen om de bomen niet te beschadigen, en een afgedankt gietijzeren hek is de basis van de hangbrug.

En om ze ook een beetje te trainen is Jitse vanaf vandaag op klimcursus bij de YMCA in de stad. Elke woensdagmiddag. Waar we natuurlijk meteen weer bekende kinderen tegen kwamen, want de wereld is hier klein.


De eerste twee dwarsbalkjes zijn in de boom gebonden. De touwladder is alleen voor de bouwfase, en wordt later weer weggehaald.



Ibrich helpt met de bouw. Op de achtergrond de grote boomhut






Ook Jitse helpt



Het platformpje is klaar. Nu de hangbrug nog: twee stukken van een afgedankt gietijzeren hek, welke met touwen aan elkaar geknoopt zijn. Hier werk ik aan de ophanging.



De hangbrug in aanbouw, nu van onderaf. De brug hangt zo'n vier meter boven de grond.


Foto's van de uiteindelijke resultaten volgen later.

vrijdag 21 oktober 2011

Op avontuur met de kano


Nu de dagen weer lengen, het weer heerlijk zacht wordt, en tussen de buien door af en toe de zon doorbreekt besloten we op de valreep nog een kinderkano aan te schaffen. We hadden er al vaker aan gedacht, want er zijn hier een aantal leuke riviertjes, waar het erg leuk op kanoen is... In de zomer, na school zijn er altijd wel een paar kinderen die daar met hun kano's in het water aan het spetteren zijn.
Toen we op een dag aan het riviertje een zandkasteel zaten te bouwen, zag Jitse een paar vriendjes van school met hun kano's. Een wat groter jongetje was uit zijn kano gegroeid en nu wilde moeder deze wel verkopen. Zo gezegd zo gedaan. Een paar dagen later lag de rode “weenie wave” bij ons op de oprit.


Maar al snel bleek dat één kano géén kano is met twee kinderen, dus omdat er helaas geen tweedehands meer te vinden was bij de lokale kano shop een tweede aangeschaft. Van het een kwam het ander, en nu gaan we aanstaand weekend (labour weekend hier) op kanotrip met de kanovereniging. We gaan een tripje maken op de Tangarakau river, met twee nachten wild kamperen, en tussendoor fossielen zoeken. Dit uiteraard niet met de kinderkano's, maar in zg Canadezen, met elk een kind voorin. Gelukkig is voor dit weekend mooi weer voorspeld!

Tussendoor zijn we er een aantal keren met de twee kinderkano's op stap geweest waarvan hieronder nog wat kiekjes.

woensdag 19 oktober 2011

Jitse leest voor

Laatst hadden we Ibrich die voorlas, maar Jitse kan dat natuurlijk ook.


Het filmpje is ondertussen alweer ruim twee maanden oud dus inmiddels gaat het nog beter. Maar toch maar geplaatst, speciaal ook voor de voorlees-patette.

Let ook op de enorme stapel knuffelbeesten in zijn bed, die straks ALLEMAAL mee in het vliegtuig moeten...., en op het capoeira instrument aan de muur.

vrijdag 14 oktober 2011

boomvarens

Recentelijk de boomvarens in de tuin nog maar eens op de foto gezet. We hebben er een kleine tien in de tuin staan. De meeste zijn van de soort Cyathea smithii, een middelgrote boomvaren met zwarte harige bladstelen en lange bladeren.

Boomvarens zijn planten die in het Carboon, zo'n 275 miljoen jaar geleden, voor het eerst verschenen. Het was de tijd dat bloemen nog niet uitgevonden waren, en dat net de eerste reptielen ontstonden.
De hoogtijdagen van de boomvarens was in het krijt, 60 tot 130 miljoen jaar geleden, tevens de hoogtijdagen van de dino's. Er stonden toen overal op aarde hele bossen van deze bomen.
Nieuw Zeeland is het enige land op de wereld waar boomvarens nog steeds een van de meest voorkomende plantengroepen zijn in de oorspronkelijke bossen. Ondanks het feit dat er heel veel import van buitenlandse planten is geweest.













De onderste twee foto's zijn super-macro: elk blaadje op de onderste foto is ongeveer een centimeter lang. Door van achter te belichten komen de nerven mooi uit.

dinsdag 11 oktober 2011

kakapo om op te vreten

Jitse is helemaal in de kakapo, en is nog steeds volop aan het sparen. Zie ook het filmpje aan het eind van vorig stukje (hint: vooral tot het eind kijken).

Hij is zo verlekkerd op kakapo, dat hij er zelfs al koekjes van maakt... Dus eigenlijk is de kakapo nu meer in hem, want het koekje in de vorm van een kakapo is dus al opgegeten.




Dat lijkt obsessief, maar het is het niet, want hier te huize komen nog wel eens wat vriendjes langs, en een geliefde bezigheid is dan koekjes bakken - liefst in zo bizar mogelijke vormen en kleuren.

Behalve kakapo zijn er dus ook nog meer dieren gemaakt.





zaterdag 8 oktober 2011

Red de Kakapo

Iedereen in Jitses klas moest laatst een spreekbeurt houden. Dat leverde weer de nodige drama's op. Zo hoorden we van Jitse dat een van de jongetjes begon te huilen voor de klas, en dat de juf toen maar z'n spreekbeurt voor moest lezen.

Jitse zelf had er totaal geen probleem mee, want hij kon alles kwijt over zijn favoriete onderwerp: de kakapo.


gepikte foto van hoki de kakapo. Jitse heeft een heel boek over hoki, en hoe deze kakapo door mensen grootgebracht is, en uitgezet is op Codfish Island.



Hier is de tekst van zijn spreekbeurt, in kleur, want dat vond Jitse mooi:


Introduction
Did you know that the Kakapo is the strangest parrot in the world?



Special
It is very special. It looks like no other parrot, except the Kea. It has a very different beak from other parrots. It has its nostrils on its beak. It has whiskers like a cat and it cannot fly.
Male Kakapo make a "Lek". All the males gather and make funny noises and dance a little bit in circles they made in the grass. They have like 4 circles with little tracks in between. They do this to attract females.
They breed only once every 2-4 years, because they like Rimu fruit, and this tree does not give enough fruits every year. In the Rimu is some kind of stuff that makes the Kakapo lay eggs. Schientist are busy to find out what this stuff is.



Rare
Thirty years ago there were only twenty left. They only live in New Zealand on Codfish island were scientists study and help them. Now there are about 100 Kakapo in the whole world.



Danger
To protect themself from being eaten the Kakapo use camouflage. They have a nice green coat and it is VERY difficult to see them.
But the Kakapo have a little problem, their smell is very strong, so lots of animals like stoats, dogs cats and rats can smell them, and then eat them. These animals did not used to live here. They came with the European settlers.



Other interesting facts
They eat fruit and big insects. Their eggs are smaller then a chicken egg, but an adult Kakapo is as big as a two year old human baby!
In the 1800-eds there were a lot of Kakapo and some people had Kakapo as pets. Two hundred years later they thought they had all gone. But the people were wrong.



Conclusion
They need our help!



Tot slot hebben we nog een filmpje gemaakt waarin Jitse iedereens hulp vraagt om de kakapo te redden. Donaties kunnen naar ons toe; die geven we dan door aan Jitse, en dan zorgen we dat het bij de kakapo komt.


woensdag 5 oktober 2011

Een middagje attractiepark


Voor attractieparken moet je hier niet wezen, in Taranaki. Ook andere zaken die de moderne mens nodig heeft om saaie weekenden door te komen zijn er hier niet veel. Musea zijn schaars, theater is niet zo heel veel soeps, en ja , er is een art-house cinema, maar daar zijn we nog nooit geweest omdat dat zo'n gedoe is met kinderen in bed.
Attracties voor kinderen zijn ook schaars. Er is een chipmunks in de stad - een soort veredelde ballenbak waar ook flink geklauterd kan worden, en die door ouders vooral verafschuwd wordt als je ze hoort, maar ze gaan er wel heen. Maar verder geen grootschalige kermissen, dierentuinen, en meer van zulk soort gedoe waar we in Nederland ook al nooit kwamen terwijl het toen wel in de buurt was, dus missen zullen we het echt niet.

Desalniettemin wilden we ook voor de kindjes maar eens vieren dat Jitse uit het ziekenhuis was, dus wij naar Stony Oaks. Het staat geafficheerd als een dierenpark, maar het is gewoon een kinderboerderij, gelegen in de rimboe een half uur aan de andere kant van de stad.
Er was natuurlijk verder niemand, en het was allemaal lekker leuk amateristisch. Dat heeft zo z'n voordelen: officieel ging het om vier uur dicht, maar we mochten ook wel tot 5 uur blijven.

De kinderen vonden het natuurlijk prachtig. Knuffelvarkens en possems die met een slaperige kop je aanstaren, en vervolgens uit je hand eten. Wat wil je nou nog meer als kind.
En Ingeborg kon haar hart ook ophalen met de mooie standbeelden. Ibrich trouwens ook.



Jitse met z'n knuffelvarken



Ibrich haalt de stier wel even op



de lama is erg nieuwsgierig



Groot succes was de possems voeren. Hier in Nieuw Zeeland worden ze zwaar vervolgd omdat ze de oorspronkelijke bossen volkomen kaal zouden vreten. Maar als knuffelbeest zien ze er wel heel schattig uit.






de meeste possems zijn een stuk donkerder, zoals deze



Ze leren er ook nog wat van... Op verschillende plekken op de kinderboerderij stonden bordjes met "Keep out", om te voorkomen dat iedereen dwars door verblijven van dieren die daar zenuwachtig van worden zou gaan banjeren. Dat bracht Ibrich op een goed idee... Een dag later hing dit op haar kamerdeur...

maandag 3 oktober 2011

We staan in de New York Times

Ik kreeg net een berichtje dat we in de New York Times staan. "We", dat zijn dus ik en mijn collega's, van mijn werk voor STRO / Cyclos.
En "er in staan" dat is welliefst één hele zin, tussen haakjes nog wel (bijna onderaan pagina 1). Maar wel mooi met link. Dus: de weg naar eeuwige roem staat nu open.

Maar ik verwacht dat we met de verdiepende crisis nog wel meer van zulk soort aandacht zullen krijgen. Mag ook wel, want we zijn toch een armlastig, marginaal clubje dat fier overeind staat als "linkse hobby" in een baaierd van domrechts gebral en gezwelg in neoliberale graaizucht.

Misschien wordt er nu eens iets meer naar ons geluisterd. Als ze dat eerder gedaan hadden had dat miljarden kunnen schelen.